Bekijk het overzicht

20 jaar geleden won Frank Vandenbroucke Gent-Wevelgem

17 March 2018

Op de flank van de “Scherpenberg”, vind je het gezellige eethuis “In de zon” terug, gekend en geapprecieerd door o.a. renners en wielerliefhebbers. We hadden een gesprek met Dirk Ghyselink, de sympathieke patron. Dirk leerde Frank kennen in de herfst van zijn carrière en wat begon als een restaurantbezoek, groeide uit tot een innige vriendschap. 

Hoe heb je Frank leren kennen?
‘Ik ontmoette Frank voor de eerste keer hier, in “In de zon”. Ik vermoed dat hij getipt was door zijn goede vriend Nico Mattan. Mijn restaurant was namelijk al wat gekend was onder de renners en dan gaat zoiets snel natuurlijk.
Ik zal die eerste ontmoeting nooit vergeten: Frank kwam binnen met zijn toenmalige vrouw Sarah, en alle gesprekken vielen stil in het restaurant.  Frank vroeg of er nog een tafeltje vrij was. We waren volzet maar ik bood hem een alternatief: eerst een aperitief bij mij thuis, aan de overkant van de straat. En sindsdien bleef Frank komen: met Sarah, maar later ook alleen.’

Ook culinair en joviaal talent
‘Het favoriete gerecht van Frank was mergpijpje met toast, al behoorde een goede entrecote ook wel tot zijn favorieten. Hij combineerde dit graag met een “Sint-Bernardus” bier van 8 of 12 graden, maar steeds met mate.
Joviaal als hij was, nam hij ook wel eens een fles mee van zijn eigen goed uitgebouwde wijnkelder. Die fles dronken we dan samen leeg (lacht) . Frank was ook heel joviaal naar de klanten: het gebeurde regelmatig dat klanten op hun kousenvoeten naar Frank toestapten. Frank deinsde er niet voor terug om de rollen om te draaien en zelf vragen te stellen aan die mensen.

En het was niet zomaar een wedervraag hoor: Frank was oprecht geïnteresseerd in zijn medemensen.
Frank had overal interesse in, kon over veel meepraten en eerlijk : hij had meestal wel gelijk.
Zo herinner ik me bij een restaurantbezoek dat hij na de maaltijd uitvoerig de maître bedankte  maar hem meteen toch ook de suggestie meegaf hoe het gerecht beter kon … en Frank had gelijk (lacht).’

“Toch gene witten hé”
‘Een andere passie van Frank waren auto’s.  Zo verklaarde een vriend van me tijdens een gesprek met Frank dat hij een witte Volkswagen “Touareg” gekocht had. Het gesprek ontspon, Frank gaf advies en rake opmerkingen zodat op het einde van het gesprek mijn vriend, toepasselijk, wit wegtrok waarna hij  de garage belde om de bestelling aan te passen: zowel op vlak van kleur als naar motor specificatie.’

“VDB- lookalike”
‘Frank zat eens op een woensdagavond op zijn gemak te eten in ons restaurant. Hij was alleen in de zaak uitgezonderd een groep notarissen. Mijn vrouw stond er alleen voor  en Frank bemerkte dat ze toch wel op tipje van haar tenen moest lopen om te kunnen volgen.
Frank vroeg spontaan of hij kon helpen, en als volleerde garçon bediende hij de groep notarissen in stijl.  Notarissen zijn niet per definitie het wielerpubliek, maar bij het afrekenen bemerkte één van hen toch op dat de vlotte garçon sprekend op VDB leek.

Frank hield er ook van om mensen gelukkig te maken. Zo had ik eens een kunstenaar op bezoek die als vurige wens had om VDB te spreken. Geloof het of niet , maar bij het uitspreken van die wens, kreeg ik net telefoon van Frank. Ik legde hem de situatie uit en wat later kwam Frank langs inclusief  2 flessen top wijn uit zijn kelder. Zo  joviaal: dat typeerde hem steeds opnieuw.’

Belcanto Classic
‘Eén van de momenten die ik zeker koester is Frank die de Belcanto rijdt in een truitje van Mercier ( foto). Frank stond hier eventjes voor de start van de wedstrijd in mijn zaak en stelde dat hij geen truitje had om te starten. Aangezien ik een ganse collectie oude wielertruitjes heb konden we dit euvel snel verhelpen.
Je moet ook weten dat Frank, ook op latere leeftijd in zijn carrière, er nog altijd goed wou uitzien, het plaatje moest kloppen. Aangezien hij een wit koersbroekje aan had koos hij dit truitje, want het stond hem beeldig voor de spiegel.  Na de race, die hij trouwens won, gaf hij het truitje terug en sprak “ je moet het niet wassen hoor Dirk, want ik heb niet gezweet”.

Familie
‘Zelf heb ik geen contact met de familie, al weet ik dat ze heel sympathiek zijn. Wat wel gebeurde: ik stond een tijdje terug mijn wagen te laden op mijn oprit toen ik plots piepende remmen hoorde: het was zijn doopkind Franklin (Six) die stopte voor een spontane babbel, ook al kende ik hem nauwelijks. En ja: het klopt: Franklin heeft hetzelfde accent, dezelfde manier van spreken en ook de morfologie is sprekend: dezelfde schouderbeweging, scherpte en magerheid. ‘

Carrièreswitch
‘Het was in  2009, het jaar dat Frank de “Belcanto Classic” won en hij dubde over zijn toekomst. Ik vond dat Frank zeker de capaciteiten had om ploegleider te worden en suggereerde hem dit meermaals. Ook mijn mama volgde mijn idee want ze had samen met Frank een tourrit bekeken en was na afloop overdonderd door zijn koerskennis, meer nog: Frank had haar precies voorspeld wat er ging gebeuren en wie er ging winnen.’

Overlijden
‘Ja, je verschiet hé, al hoe wel ik het gevoel had van  “dit zal er een beetje aan te komen”.
Frank had me trouwens gevraagd om mee te gaan op die bewuste reis naar Senegal maar een restaurant zomaar snel even achterlaten lukte me uiteraard niet. Achteraf denk je natuurlijk: “Zou dit ook gebeurd zijn als ik mee was?”, maar goed.’

“Meer dan een coureur”
'Frank in 1 volzin omschrijven is quasi onmogelijk, hij was eigenlijk een soort van “Kurt Cobain”: iemand die als het ware boven de gewone mensen staat. Frank was ook zo iemand, alleen al door zijn charisma en uitstraling.
Frank had heel veel capaciteiten maar heeft die volgens mij  nooit 100% kunnen gebruiken.  

Ik heb Frank nooit als renner of als fan beschouwd, maar altijd als vriend, als een maat, en ik denk dat Frank dit apprecieerde. Frank was daarom voor mij een soort van genie, maar vooral een vriend'.

(SDZ)

 

Gerelateerd nieuws